Zenuwpijn

In ongeveer 10%  van de mensen met rugpijn is een medisch probleem de oorzaak van de pijn. Zoals een breuk, ontsteking, ischias, hernia of een vernauwing van het wervelkanaal.

  • Ischias

    De ischias-zenuw verlaat het wervelkanaal net boven de billen en gaat via de bil naar het been. Een ontsteking die de zenuw irriteert of een hernia is meestal de oorzak voor deze pijn. De stekende, soms zeurende pijn neemt dezelfde route als de zenuw.

    Hernia

    Een hernia ontstaat doordat een tussenwervelschijf gaat vervormen of scheuren. Zo vormt een uitstulpsel dat op een zenuw kan drukken. Dit kan naast nek- of rugpijn vooral pijn of tintelingen in een been of in een arm geven. Soms is er bij een hernia alleen krachtverlies of verlies een deel van het gevoel in het been of de arm. Uit onderzoek blijkt dat een hernia in verreweg de meeste gevallen vanzelf verdwijnt. Het lichaam ruimt de uitstulping van de tussenwervelschijf zelf op.

    Wervelkanaalstenose

    Een vernauwing van het wervelkanaal noemen we ook wel stenose. Dit kan ontstaan als een wervel van zijn plek gaat schuiven of van vorm verandert (bijvoorbeeld door artrose). De zenuwen kunnen dan bekneld raken. Dit kan pijn in de rug of krachtsverlies en pijn in een of beide benen veroorzaken.

  • Klachten passend bij een irritatie of compressie van de zenuw

    • Pijn in een bil of been
    • Pijn is een scherpe pijn
    • Het been kan branderig, prikkelend of doof aanvoelen
    • Soms ook pijn in de onderrug, maar de beenpijn is meestal erger
    • Sommige houdingen kunnen de pijn erger maken (bijv. bukken)
    • Soms ontstaat er meer pijn bij hoesten, niezen of persen.
    • Soms is er minder kracht in het been of arm
    • Soms is er minder gevoel in het been of arm
  • De huisarts of fysiotherapeut stelt de diagnose vaak al door te luisteren naar uw verhaal en een lichamelijk onderzoek. Het kan soms nuttig zijn om extra onderzoek zoals röntgenfoto’s of een MRI-scan te doen.

  • Blijf zoveel mogelijk in beweging met activiteiten zoals wandelen, fietsen, zwemmen en traplopen. U hoeft niet te wachten met werken of bewegen tot de pijn verdwenen is. Bedrust is dan niet aan te raden, alleen als niet anders kan. Stilzitten, liggen of verkeerd tillen kunnen uw herstel remmen. Een goede algemene conditie en spierkracht is belangrijk en voorkomt (nieuwe) rugklachten.

    Vindt u het lastig om de geschikte beweging te vinden?  Maastricht Sport  helpt u graag! Door een compleet sport- en beweegaanbod verzorgen zij dagelijks activiteiten. Komt u er zelf niet uit of krijgt u meer last van uw rug? Neem dan contact op met uw huisarts.

  • Binnen het Beweeghuis werken huisartsen, fysiotherapeuten en medisch specialisten samen. Meer informatie over de route die u kunt volgen vindt u hier.

    In samenwerking met huisartsen, fysiotherapeuten, orthopeden en patiënten is een keuzetabel gemaakt. Hierin vindt u behandelopties. Deze keuzetabel vindt u hier.

    Huisarts 

    U kunt met rugklachten altijd naar uw huisarts. Uw huisarts zal luisteren naar uw verhaal en de rug onderzoeken. De huisarts geeft u advies of verwijst u naar een andere zorgverlener. Denk hierbij aan een fysiotherapeut of lifestylecoach. Zorgen de klachten voor problemen tijdens het slapen? Dan kan de huisarts tijdelijk pijnstillers voorschrijven. Als het nodig is stuurt de huisarts u naar de Stadspoli voor een afspraak met een medisch specialist van het Beweeghuis (in dit geval een orthopeed of pijnspecialist).

    Fysiotherapeut

    De fysiotherapeut gaat met u in gesprek en maakt een oefenprogramma voor u. Dit programma zorgt voor versterking van uw buik- en rugspieren en verbeterd de stevigheid van de rug. Dit programma houdt rekening met uw wensen. Een afspraak bij de fysiotherapeut kan direct en zonder verwijzing. Hier vindt u een overzicht van de fysiotherapeuten van het Rug Netwerk.

    Medisch specialist

    De medisch specialist op de Stadspoli bekijkt uw klachten. Samen bespreekt u de behandelingen die u al heeft gehad en of deze geholpen hebben. U kunt extra onderzoek zoals een röntgenfoto of MRI-scan krijgen.

    Eerst kijken we naar een behandeling zonder operatie. De opties zijn bewegen in een groep (Maastricht Sport), fysiotherapie, revalidatieprogramma, een ondersteunend korset of medicijnen. Wanneer blijkt dat deze niet helpen krijgt slecht een kleine groep patiënten een operatie. Alleen bij uitvalsverschijnselen van de zenuw of blijvende, hevige pijn krijgt u een operatie. Als u meer rugpijn dan beenpijn heeft, heeft een operatie vaak weinig meerwaarde.

    • Meer informatie over het lumbosacrale radiculair syndroom vindt u hier of hier.
    • Een keuzehulp voor het vinden van een behandeling die bij u past vindt u hier.
    • Antwoorden op veelgestelde vragen vindt u hier.
Sluit de enquête